1neerslag
onoplosbaar zout
2neerslagreactie: reactievergelijking
oplosbaar zout + oplosbaar zout -> (slecht) oplosbaar zout + slecht oplosbaar zout
3neerslagreactie: essentiële reactievergelijking
A+ + D- -> AD \>
4zuur-base-indicatoren
kunnen verschillende kleuren aannemen afhankelijk van de zuurtegraad
7pH van een waterige oplossing uitgedrukt in
getal tussen 0 en 14
8lage pH = ... zuurtegraad
hoge
9hoge pH = ... zuurtegraad
lage
10lage pH = hoge concentratie
H+-ionen (CH+ -ionen)
11hoge pH = hoge concentratie
OH--ionen (COH- -ionen)
12kenmerken zure oplossing
pH < 7 - CH+ -ionen > 10-7 mol/L > COH- -ionen
13zure oplossing wanneer
een zuur door ionisatie oplost in zuiver water
14kenmerken neutrale oplossing
pH = 7 - CH+ -ionen = COH- - ionen = 10-7 mol/L
15kenmerken basische oplossing
pH > 7 - COH- -ionen > 10-7 mol/l > CH+ -ionen
16basische oplossing wanneer
een base door dissociatie oplost in zuiver water
17zoutzuuroplossing verdunnen met water (gevolg)
pH-waarde stijgt, zuurtegraad daalt
18overige ionen bij een neutralisatiereactie
vormen een zout: er ontstaat een neutrale oplossing
19neutralisatiereactie: reactievergelijking
zuur + base -> water + zout
20neutralisatiereactie: essentiële reactievergelijking
H+ + OH- -> H2O
21gasontwikkelingsreactie: reactievergelijking
zout 1 + zuur 1 -> zout 2 + zuur 2
22gasontwikkelingsreactie: essentiële reactievergelijking
A+ + D- -> AD/>
23kenmerk zuur 2 bij een gasontwikkelingsreactie
onstabiel / een gas
24zuurrest van zouten bij een gasontwikkelingsreactie
CO2 - SO2 - S
253 gassen bij gasontwikkelingsreacties
H2CO3 - H2SO3 - H2S
28oxidator: doet de andere stof
oxideren
29reductor: doet de andere stof
reduceren
30enkelvoudige stoffen: OT =
0
31monoatomisch ion: OT =
lading van het ion
32samengestelde stof: OT =
som van de OT = 0
33samengestelde stof OT - uitzondering
H2+I O2-I
34polyatomisch ion: OT =
som van de OT = lading van het ion
35monoatomisch ion (synoniem)
1-atomig ion
36polyatomisch ion (synoniem)
meeratomig ion