gesteentepracticum

25 flashcardsby suheny
Study these flashcardsFree · spaced repetition · iPhone, Android, Mac & web

All cards

1
kristallijn
De benaming voor een kwalitatieve eigenschap van een materiaal, in het bijzonder een vaste stof, dat is opgebouwd uit kristallen, dus een zekere kristalstructuur heeft.
2
porfierisch
Een typische textuur van relatief grote fenocrysten in een grondmassa van kleinere kristallen.
3
amorf
Een vaste stof zonder een kristallijne structuur.
4
mafisch
Verwijst in de geologie naar mineralen en gesteenten die relatief veel magnesium (Mg) en ijzer (Fe) bevatten, en relatief weinig silica (SiO2).
5
felsisch
Verwijst in de geologie op gesteenten of mineralen die relatief veel silica (SiO2) en relatief weinig magnesium of ijzer bevatten.
6
siliciklastisch
Alle klasten ("korrels") in een sediment of sedimentair gesteente bedoeld, die bestaan uit kwarts, veldspaat of andere silicaten.
7
klastisch
Een gesteente of sediment die is opgebouwd of bestaat uit fragmenten van afgebroken gesteente die bestaan uit kwarts of veldspaat of etc.
8
pyroklastisch
Een gesteente gevormd uit materiaal dat tijdens vulkaanuitbarstingen uitgeblazen wordt.
9
carbonaat
Chemische verbinding van koolstof en zuurstof; koolzuurzout.
10
biogeen
Materiaal dat van biologische of organische oorsprong is.
11
chemisch
Materiaal dat wat tot de chemie behoort, volgens de chemie.
12
evaporiet
Een sedimentair gesteente dat ontstaat door indamping.
13
organogeen
Gesteente (meestal sedimentair gesteente) dat is opgebouwd uit organisch materiaal, dat wil zeggen materiaal afkomstig van dode organismen.
14
regionaal
Gesteente dat zich bevindt rond gebergten of in gebieden waar zich geologisch gezien lang geleden gebergten bevonden en die zich over tientallen en soms wel honderden kilometers uitstrekken.
15
contact-burial
Verwijst in de geologie als het proces waarbij sediment en later gesteente begraven wordt door de afzetting van nieuwe sedimenten erbovenop
16
foliatie
Is een term die in de petrologie en structurele geologie wordt gebruikt om een planaire structuur in een metamorf gesteente aan te duiden.
17
intrusief
Stollingsgesteente dat diep onder het aardoppervlak is gestold.
18
extrusief
Is in de petrologie een stollingsgesteente dat aan het aardoppervlak is gevormd.
19
mineralen
Bestaan uit één of meerdere kristallen.
20
gesteenten
Bestaan uit één of meerdere mineralen
21
kristallen
Worden gevormd door kristalroosters.
22
kristalroosters
Ontstaan door een rangschikking van de atomen door chemische bindingen (ion, covalent, metaal).
23
metamorf gesteente
Gesteente dat onder invloed van temperatuur, druk of hydrothermale vloeistoffen is gerekristalliseerd of gemetamorfoseerd.
24
stollingsgesteente
Gesteente dat is ontstaan door stolling van magma (onder het aardoppervlak) of lava (aan het aardoppervlak).
25
sedimentgesteente
Gesteente dat ontstaat door lithificatie (gesteentevorming) van afgezet sediment of organisch materiaal.
Study all 25 cards for free