Deel 2 - kasstromenanalyse

23 flashcardsby Aurélie
Study these flashcardsFree · spaced repetition · iPhone, Android, Mac & web

All cards

1
operationele activiteiten
deze houden verband met de commerciële kernactiviteiten van een onderneming
bedrijfsactiviteiten
financiële activiteiten
uitzonderlijke activiteiten
2
investeringsactiviteiten
deze houden verband met de aankoop en verkoop van IMVA, MVA en FVA
3
financieringsactiviteiten
deze houden verband met het aantrekkenvan kapitaal/inbreng en aflossen van vreemd vermogen/leningen
4
kasstroom
is een verandering van beschikbare en realiseerbare geldmiddelen op korte termijn als gevolg van een transactie
5
kasstroomtabel
verschaft inzicht in historische inkomende en uitgaande geldstromen van onderneming
6
stijging geldmiddelen
cash inflow
7
daling geldmiddelen
cash outflow
8
berekeningsmethoden kasstromen: directe methode
een overzicht van werkelijk ontvangen kasopbrengsten en betaalde kaskosten
kan enkel intern worden toegepast
onmogelijk op basis van informatie uit jaarrekening
9
berekeningsmethoden kasstromen: indirecte methode
operationele kasstroom opgebouwd op basis van resultaat na belastingen en correcties
investeringsstroom en financieringsstroom opgebouwd op basis van mutaties en correcties
op basis van gepubliceerde jaarrekening
er is informatie over twee boekjaren nodig want we bekijken de verandering van ene naar andere jaar
10
niet-kaskosten
afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen
11
niet-kasopbrengsten
terugname afschrijvingen, terugname waardeverminderingen, terugname of besteding voorzieningen en kapitaalsubsidies
12
operationele activa
actiefbestanddelen ingezet in bedrijfscyclus onderneming
13
operationele passiva
langlopende en kortlopende financiële schulden
14
delta teken wijst op mutatie
verschil tussen eindsaldo en beginsaldo
15
toename van operationele activa
veroorzaakt een daling van de operationele kasstroom
16
toename van de operationele schulden
veroorzaakt een stijging van de operationele kasstroom
17
toename van de voorzieningen en uitgestelde belastingen
veroorzaakt een stijging van de operationele kasstroom
18
afname van operationele activa
veroorzaak een toename van de operationele kasstroom
19
afname van de operationele schulden
veroorzaakt een daling van de operationele kasstroom
20
afname van de voorzieningen en uitgestelde belastingen
veroorzaakt een daling van de operationele kasstroom
21
positieve operationele kasstroom
onderneming heeft effectief geldmiddelen overgehouden uit ondernemingsactiviteiten
middelen kunnen worden gebruikt voor financiering investeringen en/of aflossing schulden en/of uitkering wisnt
22
negatieve operationele kasstroom
onderneming genereert geen middelen uit haar dagelijkse activiteiten
bijkomende middelen moeten worden aangetrokken voor financiering investeringen en/of aflossing schulden
23
reeële kasstroom
hetgeen dat overblijft na kasstroom uit operaties, na vervangings- en uitbreidingsinvestering, om aan vermogenschaffers te betalen
Study all 23 cards for free