1inkomsten op korte termijn
komen wekelijks of maandelijks terug
2inkomsten op lange termijn
komen jaarlijks of maar enkele keren voor
3uitgaven op korte termijn
moet je meteen betalen of komen regelmatig terug
4uitgaven op lange termijn
komen af en toe voor, meestal moet je hiervoor sparen
5persoonlijk budget
inkomsten / uitgaven of korte / lange termijn
6inkomen uit arbeid
wie als werknemer werkt, krijgt in ruil voor de prestatie een loon
7nettoloon, vaak aangevuld met
extralegale voordelen
8RSZ betaalt door
de werkende mens
9inkomen uit arbeid: werknemer
loon, extralegale voordelen, eindejaarspremie, vakantiegeld
10inkomen uit arbeid: zelfstandige
loon, winst
11mensen die niet in staat zijn om te werken
krijgen dankzij de sociale zekerheid (RSZ) een aanvullend / vervangingsinkomen
12inkomen uit sociale zekerheid: aanvullend inkomen
groeipakket, tussenkomst in de kosten voor een doktersbezoek
13inkomen uit sociale zekerheid: vervangingsinkomen
werkloosheidsuitkering, ziekte-uitkering, invaliditeitsuitkering, leefloon, pensioen
14groeipakket
krijg je per kind dat nog thuis woont en studeert
15werkloosheidsuitkering
als je een lange tijd werkloos bent
16ziekte-uitkering
als je door ziekte niet kunt werken
17invaliditeitsuitkering
als je arbeidsongeschikt bent
18pensioen
als je door ouderdom niet meer moet werken - nu +67 jaar
19inkomen uit beleggingen
als je geld op je spaar- of termijn rekening zet ontvang je rente, aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, 2e woning
20obligaties (opmerking)
aan het einde van de looptijd krijg je het oorspronkelijk geleende bedrag weer terug
21vaste uitgaven
vaste bedragen die maandelijks of jaarlijks betaald moeten worden
22voorschotfacturen (berekent op basis van)
gemiddelde van het vorige jaar
23uitzonderlijke uitgaven
hiervoor spaar je
24onvoorziene uitgaven (kenmerk)
als gezinnen geen spaarpotje hebben, kan dit voor financiële problemen zorgen
25terugbetalingscapaciteit (berekeningen)
maandelijkse inkomsten - maandelijkse uitgaven
26indexcijfer (wanneer genoteerd)
iedere maand worden de prijzen genoteerd van een bepaald korf van producten die door gezinnen worden aangekocht
27in België zijn lonen gekoppeld aan de - reden
index - koopkracht behouden
28koopkracht behouden
als de prijzen van producten boven een bepaalde drempel stijgen, worden de meeste lonen automatisch verhoogd
29nieuwe aankoop (rekening houden met)
eenmalige en terugkerende kosten
30invloed van terugkerende kosten
invloed op vaste uitgaven en dus op je budget
31belangrijke documenten (wat mee doen)
bewaren
32bewaartermijn medisch dossier en notariële akten
levenslang
33bewaartermijn bankdocumenten
5 jaar
34goede spaarbuffer
6 - 12 maanden van je netto-inkomen
35OCMW, CAW
organisaties die helpen je budget onder controle te krijgen
36extra kosten bovenop de afgesproken aankoopsom van een vastgoed
registratierechten / btw bij een nieuw woning
37extra kosten aankoop onroerend goed: bouwgrond
registratierechten, verschilt per gewest
38extra kosten aankoop onroerend goed: bestaande woning
registratierechten, verschilt per gewest
39extra kosten aankoop onroerend goed: nieuwbouw met bouwgrond
btw, op grond en woning
40extra kosten aankoop onroerend goed: nieuwbouw op eigen bouwgrond
btw, op woning
41rol van de notaris bij aankoop van een onroerend goed
informatie geven aan de kopers en verkopers en de verkoopakte opmaken
42attesten die de notaris moet aanvragen
bodemattest, stedenbouwkundige vergunning ...
43bodemattest
geeft informatie over de bodemkwaliteit van een stuk grond
44bedrag dat je kan lenen hangt af van
waarde van het onroerend goed, je financiële situatie als kredietnemer (terugbetalingscapaciteit)
45variabele rentevoet (aanpassingen afhankelijk van)
voorwaarden in de kredietovereenkomst
46aflossingstabel
overzicht van de te betalen kapitaalaflossingen en rente gedurende de hele looptijd van het krediet - je kunt volgen welk saldo nog openstaat
47wat krijg je bij het aangaan van een hypothecair krediet
aflossingstabel
48woning als waarborg genomen + bezwaard met een hyptheek (waarom)
kredietgever is zeker dat het geleende geld, met de afgesproken rente tijdig wordt terugbetaald
49kredietnemer betaald het geld met de afgesproken rente niet tijdig terug (gevolg)
kredietgever heeft het recht om de woning te verkopen om de openstaande schuld te vereffenen
50extra waarborg die de bank vraagt van de kredietnemer
brand- en schuldsaldoverzekering
51bedrag van de verzekeringspremie is afhankelijk van (schuldsaldoverzekering)
ontleende bedrag - gezondheidstoestand - leeftijd waarop je het krediet aangaat - looptijd van het krediet
52hypotheekregister
hierin wordt de hypoteek ingeschreven door de notaris
53plichten kredietnemer tov kredietgever
kapitaal aflossen - rente + extra kosten betalen
54plichten kredietnemer tov notaris
registratierechten + ereloon betalen
55plichten kredietgever tov kredietnemer
geldsom uitlenen - eerlijke en duidelijke informatie geven over de kosten bij het krediet