1Eigen vermogen
omvat de financieringsmiddelen die aan de ondernemingsentiteit zelf zijn toegewezen en dus op continue wijze als bron aanwezig zijn en blijven. het kan niet door derden worden teruggevraagd, tenzij bij de vereffening van de onderneming
2inbreng
omvat de eigen middelen die door de ondernemer bij de oprichting van een onderneming blijvend aan de onderneming worden toegewezen, kan worden ingebracht in speciën (geld) of natura
3uitgiftepremies
verschil tussen uitgifteprijs van nieuwe aandelen en nominale waarde bij kapitaalverhoging
doelstelling: verlies vermijden voor bestaande aandeelhouders bij kapitaalverhoging
4uitgiftepremie per aandeel (formule)
= intrinsieke waarde - nominale waarde
5nominale waarde (formule)
= geplaatst kapitaal / aantal aandelen
6intrinsieke waarde (formule)
= eigen vermogen / aantal aandelen
7fiscaal kapitaal
werkelijk gestort kapitaal of werkelijk gestorte inbreng
8herwaarderingsmeerwaarden
uitgedrukte, niet-gerealiseerde, vaststaande en duurzame meerwaarden op vaste activa en terugnemingen van waardeverminderingen
9reserves
eigen vermogensmiddelen afkomstig van gerealiseerde winsten waarvoor wordt beslist / bepaald ze binnen de onderneming te houden
103 soorten reserves
onbeschikbare reserves
belastingvrije reserve
beschikbare reserves
11overgedragen winst (verlies)
resultaat waaraan op het einde van het boekjaar nog geen definitieve bestemming werde gegeven
12kapitaalsubsidies
subsidies verkregen van de overheid voor investeringen in vaste activa met eigen middelen (dus er wordt geen lening voor genomen)
13voorschot aan de vennoten op de verdeling van het nettoactief
een aftrekpost van het eigen vermogen
rubriek laat boekhoudkundige verwerking toe bij vennootschap in vereffening om een voorschot op het netto-actief toe te kennen aan de vennoten naar aanleiding van de vereffening
14voorzieningen voor risico's en kosten
voorzieningen beogen duidelijk omschreven verliezen of kosten te dekken die op balansdatum waarschijnlijk of zeker zijn, maar waarvan het bedrag niet vaststaat
15soorten voorzieningen voor risico's en kosten
1) voor pensioenen en soortgelijke verplichtigen
2) voor belastingen
3) voor grote herstellings-en onderhoudswerken
4) voor milieuverplichtingen
5) voor overige risico's en kosten
16boekhoudkundige verwerking: voorzieningen
voorzieningen worden aangelegd om naar hun aard duidelijk omschreven verliezen of kosten te dekken die op balansdatum waarschijnlijk of zeker zijn maar waarvan het bedrag niet vaststaat
enerzijds is het een kost voor de onderneming
anderzijds toename van passief van de onderneming
17uitgestelde belastingen
belastingen die je in de toekomst nog zal moeten betalen
naar latere boekjaren uitgestelde belastingen op kapitaalsubsidies
naar latere boekjaren uitgestelde belastingen op tijdelijk fiscaal vrijgestelde gerealiseerde meerwaarden (op IMVA, MVA, welbepaalde FVA)
18schulden
financieringsbronnen die werden verkregen van derden waarvoor een terugbetaling is vereist
19schulden op meer dan één jaar
schulden met een contractuele looptijd van meer dan 1 jaar
20soorten schulden op meer dan één jaar
1) financiële schulden
2) handelsschulden
3) vooruitbetalingen op bestellingen
4) overige schulden
21soorten financiële schulden
1) achtergestelde leningen
2) niet achtergestelde obligatieleningen
3) leasingschulden en soortgelijke
4) kredietinstellingen
5) overige leningen
22soorten overige schulden
1) borgtochten ontvangen in contanten
2) overige schulden
23schulden op ten hoogste één jaar
schulden met terugbetalingstermijn vna minder dan een jaar
24soorten schulden op ten hoogste één jaar
1) schulden van meer dan 1 jaar die binnen het jaar vervallen (op het einde van het jaar wordt dat overboekt)
2) financiële schulden: kredietinstellingen en overige leningen
3) handelsschulden
4) vooruitbetalingen op bestellingen
5) schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten
6) overige schulden: schulden uit de bestemming van het resultaat t.o.v. de aandeelhouders, bestuurders of andere en diverse schulden
25boekhoudkundige verwerking van schulden op ten hoogste één jaar
overboeking schulden op meer dan 1 jaar naar schulden op ten hoogste 1 jaar
schulden op LT dalen
schulden op KT stijgen
26overlopende passiefrekeningen
passiefrekeningen die ervoor zorgen dat kosten en opbrengsten worden toegewezen aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben (=matchingprincipe)
27soorten overlopende passiefrekeningen
1) toe te rekenen kosten: nog niet betaalde kosten waarvan gedeelte betrekking heeft op verstreken boekjaar
2) over te dragen opbrengsten: reeds geïnde opbrengsten waarvan gedeelte betrekking heeft op 1 of meerdere volgende boekjaren