1verhaalbegin
ab ovo - in medias res
2verhaaleinde
open - gesloten - cliffhanger
3ab ovo
het verhaal begint vanaf het begint - de personages worden langzaam in het verhaal geïntroduceerd vooraleer de gebeurtenissen beginnen
4in medias res
de lezer / kijker voert meteen naar het midden of zelfs einde van het verhaal - vragen die de lezer / kijker bij zich oproept worden nadien beantwoord (door middel van flashback / verhaal begint met flashforward
5open einde
lezer / kijker blijft na het verhaal met allerlei vragen achter - gebeurtenissen zijn niet afgerond - auteur / filmmaker geeft enkele suggesties over de afloop van het verhaal
6gesloten einde
auteur / filmmaker werkt het verhaal helemaal af - alle problemen, acties ... zijn voorbij, de situatie van het personage is duidelijk - lezer / kijker stelt zich geen vragen meer
7cliffhanger
het verhaal wordt plots op een belangrijk moment afgebroken
8doel van een cliffhanger
spanning vergroten - lezer / kijker wordt nieuwsgierig naar het vervolg
9spanning oproepen (hoe?)
door te spelen met de verhoudingen tussen de achtergehouden en vrijgegeven informatie
10spanningstechnieken: bouwstenen
personage - tijd - ruimte - perspectief
11spanningstechniek: personage
topische vragen over het personage onvoldoende invullen - vragen oproepen over het personage
12spanningstechniek: tijd
gebeurtenissen vertragen / versnellen - vooruitwijzende elementen inlassen (flashforward / vooruitwijzing) - geven van informatie plots afbreken
13spanningstechniek: ruimte
sfeerschepping inlassen - vragen oproepen over de ruimte
14spanningstechniek: perspectief
kennisvoorsprong - kennisachterstand - informatiekennis gelijk schakelen
15kennisvoorsprong
lezer / kijker meer informatie verschaffen en het personage in het ongewisse laten
16kennisachterstand
personage informatie verschaffen en de lezer / kijker in het ongewisse laten
17informatiekennis gelijk schakelen
lezer / kijker het verhaal volledig laten volgen door de ogen van het personage
18motorisch moment
het ogenblik waarop de situatie van het personage plots verandert en er allerlei gebeurtenissen op gang komen - gebeurtenissen krijgen een onverwachte wending
19plottwist tov motorisch moment
plottwist = extremer