2nullus, nulla, nullum
geen (enkel)
4sedes, sedis
1. (zit) plaats 2. woonplaats
5malo, malui (malle)
liever willen
8dignus + abl
waard, waardig
9cerno, crevi (cernêre)
zien
11similis, simile
1. gelijk aan 2. gelijkend op
12vis, acc vim, abl vi
kracht, geweld
13metuo, metui (metuêre)
vrezen
14invenio, inveni (invenire)
vinden, aantreffen
15nolo, nolui (nolle)
niet willen
17cogo, coëgi (cogêre)
1. dwingen 2. bijeenbrengen
18specto (spectare)
kijken naar, zien
19propter + acc
vanwege, door
20tango, tetigi (tangêre)
aanraken
23tempto (temptare)
proberen
24ingens, ingentis
geweldig, enorm
31peto, peti(v)i (petêre) a(b) +abl
vragen aan
32ne ... quidem
zelfs niet
33sentio, sensi (sentire)
voelen, bemerken
34egregius, egregia, egregium
uitstekend, voorteffelijk
36deicio, deieci (deicêre)
naar beneden werpen, laten vallen
37ferox, ferocis
1. strijdlustig 2. woest, fel
38teneo, tenui (tenêre)
(vast) houden
39tremo, tremui (tremêre)
trillen, beven
43affero, attuli (afferre)
(mee) brengen, ergens heen brengen
47appello (appellare)
1. toespreken 2. noemen
48despero (desperare)
wanhopen (aan)
49sacer, sacra, sacrum
1. heilig 2. +gen gewijd aan