1periode van ontdekkingsreizen
middeleeuwen - vroegmoderne tijd - moderne tijd
2standbeelden voor ontdekkingsreizigers
vanaf 19e eeuw
3tijdsverschil tussen de ontdekkingsreizen en plaatsing van de standbeelden
19e eeuw = tijd van het nationalisme: er ontstaan verschillende nationaliteiten, ieder land is op zoek naar eigenheid door middel van geloof, taal, verleden (collectieve herinnering) -> men is op zoek naar een held
4ontdekkingsreizen (structuurbegrip van verandering)
continuïteit: het kwam ook al voor in de middeleeuwen
5waren de ontdekkingsreizen een uitsluitend Westers gegeven?
nee, ook niet-Westerlingen gingen op ontdekkingsreizen - bv. Zheng he (China), Ibn Battutta (Marokko)
6hedendaagse (Belgische) ontdekkingsreizigers
Dirk Frimout - Frank De Winne - Raphaël Liégeios
7verschil standbeelden begin 20e eeuw tov 19e eeuw + reden
geen beeld van de persoon zelf - veel kleiner + we zijn niet meer zo nationalistisch ingesteld
8waarom spreken we pas vanaf de 15e eeuw over 'mondialisering'?
er worden vanaf dan veel ontdekkingen gedaan, men doet aan kolonisatie
9op welke manier stimuleerden de ontdekkingsreizen de mondialisering
de ene ontdekkingsreis leidt tot de andere: er wordt meer ontdekt dus zijn er meer contacten, nieuwe culturen, producten ... = sneeuwbaleffect
10vroegmoderne ontdekkingsreizen en koloniale reizen (structuurbegrip van plaats)
maritiem (maritieme routes): scheepvaart wordt heel belangrijk
11driehoekshandel tussen
Midden-Amerika - West-Europa - West-Afrika
12driehoekshandel: Midden-Amerika - West-Europa
koloniale waren: goud, zilver, tabak, cacao, koffie ...
13driehoekshandel: West-Europa - West-Afrika
nijverheidsproducten = afdankertjes / overproductie uit Europa - wapens - alcohol
14driehoekshandel: West-Afrika - Midden-Amerika
slaven
15demografische catastrofe
bevolkingsaantal daalt drastisch sinds de komst van de Europese ontdekkingsreizigers
16gevolg van de demografische catastrofe voor de Europese ontdekkingsreizigers / kolonisatoren
ze hebben te weinig lokale werkkrachten / slaven die voor hen kunnen werken
17verband demografische catastrofe met de driehoekshandel
Europeanen importeren slaven uit Afrika
18demografische catastrofe (structuurbegrippen van verband)
demografische catastrofe was een oorzaak van de driehoekshandel; de driehoekshandel was een bedoeld gevolg / beoogd effect
19demarcatielijn
grenslijn (die de paus getrokken heeft)
202 demarcatielijnen
Verdrag van Tordesillas - Verdrag van Zaragoza
21Verdrag van Tordesillas - Verdrag van Zaragoza (jaartal)
1494 - 1529
22gevolg van het Verdrag van Tordesillas voor het gebied dat later Brazilië zou worden
Brazilië is het enige land waar ze geen Spaans, maar Portugees spreken; er was nooit een Spaanse kolonie
231e helft 16e eeuw = periode van
gesloten zee - mare clausum: monopolie voor Spanje en Portugal
242e helft 16e eeuw = periode van
gesloten zee - monopolie van de Iberische staten gebroken door de Verenigde Provinciën
25Iberische staten
Spanje, Portugale
26Verenigde Provinciën
Engeland, Frankrijk en de Noordelijke Nederlanden
27grootste kolonie
Groot-Brittanië
28presentatie van de wereld = structuurbegrip
ieder land kijkt vanuit zijn eigen perspectief naar de wereld: ze leggen zichzelf centraal - ongeacht welke periode in de geschiedenis = standplaatsgebondenheid
29perspectief - geen ...
standplaats / positie van waaruit je naar iets kijkt - menig / standpunt
30oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd: politiek - economisch
imperialisme - val ORR 1453 - handelsbelangen (Portugese handelsposten) - ° kapitalisme
31oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - politiek: imperialisme
meer grondgebied = meer mensen die luisteren, meer politieke macht - verschillende vormen imperialisme: Spanje = kolonies, Portugal = handelsposten (bleven langs de kust)
32oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - economisch: val ORR 1453
inname van het ORR door de Turken/Ottomanen: handel met het Oosten in specerijen en luxeproducten verstoord - gevolg: minder handel in oorlogsgebied = minder (luxe) producten zoals kruiden - oplossing: nieuwe weg naar Indië zoeken
33oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - economisch: handelsbelangen (Portugese handelsposten)
= reden om te koloniseren - handelsposten stichtten om handel te drijven met de plaatselijke bevolking
34oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - economisch: ° kapitalisme
= zoveel mogelijk winst maken door aandelen te kopen van handelsondernemingen - ° monopolies: VOC, WIC - slaven: geen loonkost = meer winst
35VOC
Verenigde Oost-Indische Compagnie
36WIC
West-Indische Compagnie
37oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - sociaal
mensen die hopen op een beter leven: vluchten voor schulden, armoede, veroordelingen - mensen die ze niet willen: criminelen (= straf)
38oorzaken van de Europese ontdekkingsreizen in de vroegmoderne tijd - cultuur
religie: geloof verkondigen - wetenschappen: nieuwe kennis opdoen - nieuw mensbeeld: ° humanisme
40herkomst uitdrukking 'peperduur'
het aanbod van kruiden (zoals peper) was schaars; ze waren dus heel duur
41prijsstijging van kruiden tussen 1450 en 1500
val van het ORR: Turken komen en doen aan expansie -> oorlogsgebied: aanbod daalt dus prijzen stijgen
42plotse prijsdaling van kruiden na 1500
In 1497 bereikt Vasco Da Gama de westkust van Indië en daar vindt hij verschillende specerijen die hij meenam naar Europa dus stijgt het aanbod weer en daalt de prijs
43invloeden maatschappelijke domeinen (prijs kruiden)
politiek - economisch
44invloeden politiek en economisch domein op elkaar (prijs kruiden)
val ORR = Turken 1453: expansie -> aanbod daalt, prijs stijgt - Vasco Da Gama 1497-98 -> aanbod stijgt, prijs daalt
45humanisme
filosofische beweging van kritische denkers en taalkundigen in de 15e en 16e eeuw die zich liet inspireren door bronnen uit de klassieke oudheid en geloofden in de kracht van het individu en de maakbare mens
46humanisme = nieuw
mensbeeld vanaf de late middeleeuwen
47wetenschappelijke kennis (vroegmoderne tijd)
bronnen uit de klassieke oudheid bestuderen (Ptolemaeus) - conclusie: wereld is rond + kennis van de hemellichalen om op de volle zee te kunnen navigeren
48inzicht aarde (middeleeuwen)
3 continenten: Europa - Afrika - Azië - aarde = platte schijf
49inzicht aarde (vroegmoderne tijd)
4 continenten: + Amerika - aarde = bol
50technische verbeteringen (vroegmoderne tijd)
nieuw scheepstype: karveel (= kogge + galei) -> kan op volle zee - gemaakt door de Portugezen
51nieuwe mentaliteit (vroegmoderne tijd)
de mens gelooft veel meer dat hij/zij zelf dingen kan oplossen; ze wachten niet meer op God -> nemen zelf initiatief
52wereldbeeld middeleeuwen
theocentrisme: God staat centraal
53wereldbeeld vroegmoderne tijd
antropocentrisme: zelf oplossingen zoeken
54waarom trokken andere volkeren niet/nauwelijks op ontdekkingsreis in deze period
geen economische motieven: ze hadden alles wat ze nodig hadden + waren niet zo kapitalistisch ingesteld - minder interesse in onbekende gebieden: tijd- en geldverspilling
55afkomst begrip 'indiaan'
Columbus dacht dat hij Indië had bereikt