1Verwerven
Iets krijgen of in bezit krijgen, vaak door moeite of inspanning
2Pleiten voor
Argumenten geven om iets te verdedigen of te ondersteunen
3Het escapisme
De neiging om te willen ontsnappen aan de realiteit
4Op het witte doek
In de bioscoopfilm, op het filmdoek
5Van wal steken
Beginnen te spreken of te vertellen
6Pretentieus
Arrogant; doen alsof je belangrijker of beter bent dan je bent
7Een parasiet
Organisme dat leeft ten koste van een ander
8Aansporen
Iemand motiveren of aanmoedigen iets te doen
9Aanwenden
Gebruiken voor een bepaald doel
10Contrasteren (met)
Sterk verschillen, waardoor het contrast zichtbaar wordt
11Creëren
Iets maken of laten ontstaan
12De deskundigheid
Vakbekwaamheid; kennis en kunde
13Inspireren
Iemand aanzetten tot nieuwe ideeën of motivatie
14De invalshoek
Perspectief of manier van kijken
15Motiveren
Iemand aansporen of redenen geven om iets te doen
16Onpartijdig
Zonder voorkeur; eerlijk en neutraal
17Ontleden
In delen uit elkaar halen om te bestuderen
18De overweging
Een gedachte of argument dat meeweegt in een beslissing
19Relatief
In verhouding, niet absoluut
20Voordragen
Hardop presenteren
21Vormgeven
De vorm of structuur bepalen
22Van jetje geven
Je volledig uitleven, veel energie geven.
23Onweerstaanbaar
Niet te weerstaan, zeer aantrekkelijk
24Uitgekiend
Slim en zorgvuldig doordacht
25Democratiseren
Toegankelijk maken voor iedereen
26Synchroon
Tegelijkertijd en in dezelfde beweging
28Gecontesteerd
Omstreden, er is veel discussie over
29De beeltenis
Afbeelding of voorstelling van iemand
30De essentie
Het belangrijkste, de kern
31De drijfveer
Innerlijke motivatie om iets te doen
32De moraal
De les of boodschap van een verhaal
33Waarde hechten aan
Iets belangrijk vinden
34De xenofobie
Angst of afkeer van vreemdelingen of andere culturen
35Opdringen
Iets dwingend aan iemand opleggen
36Falen
Niet slagen, mislukken
37Aanreiken
Iets geven of aanbieden
38Opportuun
Geschikt of passend op dat moment
39De opportuniteit
De kans of de mogelijkheid
40Authentiek
Echt, oorspronkelijk; niet nagemaakt
41Evident
Overduidelijk, logisch
42De authenticiteit
De echtheid, de oorspronkelijkheid
43Autochtoon
Van oorsprong uit een bepaald land of gebied
44Allochtoon
Afkomstig uit een ander land of gebied
45Erkennen
Toegeven of officieel bevestigen
46Consequent
Steeds op dezelfde manier, logisch samenhangend
47Eloquent
Welsprekend, vlot en overtuigend praten
48Geld verdienen als slijk
Heel veel geld verdienen
49Stokken in de wielen steken
Iemand tegenwerken
50Het been stijf houden
Niet toegeven, standvastig blijven
51Met je gat in de boter vallen
Veel geluk hebben, in een gunstige situatie terechtkomen
52De leemte
Een tekort of ontbrekend element
53Archaïsch
Verouderd, uit een vroegere tijd
54Weerspiegelen
Een beeld geven van, reflecteren
55Hanteren
Gebruiken of toepassen
56Aankaarten
Een onderwerp ter sprake brengen
57Weerbarstig
Hardnekkig, moeilijk te beheersen
58De norm
De standaard of de regel waaraan men zich houdt
59Parallel
Naast elkaar, vergelijkbaar maar gescheiden
60De emancipatie
Het proces waarbij iemand of iets meer vrijheid en rechten krijgt
61Toedichten
Iets aan iemand of iets toeschrijven
62De toon zetten
De sfeer of richting bepalen
63Naïef
Te goedgelovig, onervaren
64Klasseren (geklasseerd)
Ordenen of in een categorie plaatsen
65Het prestige
Het aanzien, de reputatie
66Nefast
Schadelijk, met negatieve gevolgen
67Gemeengoed
Iets dat algemeen aanvaard of bekend is
68Malafide
Onbetrouwbaar, frauduleus
69De ontleding
De analyse, het in delen onderzoeken
70De antropoloog
Een wetenschapper die mens en cultuur onderzoekt
71Instinctief
Vanuit een natuurlijk, aangeboren gevoel
72De vormgeving
Hoe iets eruitziet, het ontwerp
73Vormgeven
De vorm of structuur creëren
74Effectief
Doeltreffend, het werkt zoals bedoeld
75Een oordeel vellen
Een beslissing of mening vormen
76Überhaupt
Eigenlijk, helemaal niet
77Rationeel
Op basis van logica & verstand
78De animo
Enthousiasme, bereidheid
79Geanimeerd
Levendig, energiek
80De dynamiek
De onderlinge beweging of wisselwerking
81Dynamisch
Energiek, voortdurend in beweging
82Ombuigen tot
Veranderen in iets anders
83Bluffen
Overdrijven of doen alsof je meer kunt dan werkelijk
84De intuïtie
Het buikgevoel, een aanvoelen zonder nadenken
85Naar de mond praten
Zeggen wat iemand wil horen
86Achterdochtig
Wantrouwig, snel iets verdachts vermoeden
Met je mond vol tanden staan Geen antwoord weten
87Vereisen
Nodig maken, noodzakelijk zijn
88De vereiste
Iets dat noodzakelijk is
89Opkrikken
Verbeteren, verhogen
90De evidentie
Iets dat vanzelfsprekend is
91Provoceren
Uitdagen, iemand tot reactie aanzetten
92De provocatie
Een bewuste uitdaging
93De proxemiek
De wetenschap die de afstand in sociale interacties bestudeert
94Je eigen ruiten ingooien
Jezelf schade berokkenen
95De afknapper
Iets dat teleurstelt
96Verdoezelen
Iets minder zichtbaar of duidelijk maken
97Maskeren
Iets verbergen, verhullen
Ambiëren Iets nastreven
98Irrelevant
Niet belangrijk, niet ter zake
99De autoriteit
Iemand met erkende expertise of macht
100Autoritair
Streng en dwingend
101Imponeren
Indruk maken
Je gezicht spreekt boekdelen. Je emoties zijn duidelijk zichtbaar en goed af te lezen.
102Averechts
Het tegenovergestelde effect hebben
103Het motto
Een korte zin die een principe of doel samenvat
104Contempleren
Diep nadenken
105De decadentie
Overdreven luxe en verval
106Decadent
Overdreven luxueus
107De verheerlijking
Iets overdreven positief voorstellen
108Verheerlijken
Iets te positief voorstellen
109Het determinisme
Filosofie die zegt dat gebeurtenissen vastliggen door oorzaken