les 16

28 flashcardsby juliana
Study these flashcardsFree · spaced repetition · iPhone, Android, Mac & web

All cards

1
renier
verwerpen
2
confrondre avec
verwarren, verwisselen met
3
l’attirance
de aantrekkingskracht
4
intervenir
plaatsvinden
5
tomber raide dingue de
waanzinnig verlief worden op
6
saliver
kwijlen
7
se rouler en boule
zich oprollen
8
perdre ses moyens
de kluts kwijt raken, van slag raken
9
craquer
instorten
10
rejoindre
zich voegen bij, teruggan naar
11
jeter quelqu’un
iemand dumpen
12
crever
doodgaan
13
prendre un cachet
een pilletje innemen
14
un état
een toestand
15
tomber amoureux (amoureuse)
verliefd worden
16
le crops
het lichaam
17
aspirer à
streven naar
18
une âme
een ziel
19
désabusé
gedesillusioneerd
20
le manque
het gebrek
21
être aux aguets
op de loer liggen
22
c’est foutu
alles is verloren
23
c’est quelqu’un de très inhibé
het is een heel geremd iemand
24
trés timide
zeer verlegen
25
quelqu’un qui manque d’assurance envers les femmes
iemand onzeker is tegenover vrouwen
26
il reste froid
hij blijft koud
27
c’est quelqu’un de sincère, de sérieux
het is een oprecht en serieud iemand
28
il a d’énormes qualités
hij heeft zeer goede eigenschappen
Study all 28 cards for free